Beperk de vraag naar ruimte

Gewijzigd op 15/10/2013 door Gretel Kerkhofs

Het naleven van het principe 'de vraag naar ruimte beperken' betekent in de eerste plaats dat we zorgzaam moeten omspringen met de beschikbare ruimte, ook als we gaan bouwen of verbouwen. Zo komen we op het terrein van de ruimtelijke ordening. Ook al storen we ons wel eens aan de regeltjes van de Ruimtelijke Ordening, toch mogen we het belang hiervan niet onderschatten.

Bouwen voor eeuwen?

Wanneer we kijken naar de levensduur van onze beslissingen, dan drukken deze ongeveer 20 jaar een stempel wanneer het om technieken gaat en 50 tot 80 jaar wanneer het om de gebouwschil gaat. Maar wanneer het om duurzaam bouwen gaat, spreken we over eeuwen. We leven vandaag in sommige steden nog met de beslissingen uit de Middeleeuwen. Hiervoor moeten we niet enkel in voor de hand liggende grootsteden zoals Brussel, Antwerpen, Gent of Brugge gaan kijken. Ook dichter bij huis zijn voorbeelden te vinden.

Kortom, de lijnen die we vandaag uitzetten voor nieuwe verkavelingen zullen nog altijd bindend zijn voor onze nakomelingen over enkele honderden jaren. We moeten ons hier niet enkel bewust van zijn, maar ook durven beslissingen nemen die ertoe leiden dat de ingenomen ruimte ook dan nog optimaal gebruikt kan worden. Dit veronderstelt dat we rekening houden met mobiliteit, bereikbaarheid, natuur,… op lange termijn.

Nadenken over ruimtegebruik

Nadenken over optimaal ruimtegebruik kan ook op heel lokaal niveua. Kleinschalige ingrepen kunnen bijvoorbeeld gemeenschappelijke tuinen zijn of het respect voor groene omgevingsruimte bij het inplannen van een nieuwe verkaveling. Verder kan een nieuwe wijk of verkaveling ook zo ontworpen worden dat de woningen een geschikte oriëntatie en privacy maximaal verzoenen. Alle leefruimten kunnen zuidgericht zijn en de woningen kunnen daarbij zo ingeplant of geconcipieerd zijn dat dit oriëntatievoordeel geen nadeel inzake privacy inhoudt.

Op grootschalig niveau kunnen dit gemeenschapsvoorzieningen of commerciële functies in de buurt van woonwijken zijn, zodat alle voorzieningen op korte afstanden liggen. Een duurzame ruimtelijke ordening betekent tot slot ook luisteren naar bewoners en toekomstige gebruikers.


Stad versus platteland

Vlaanderen kende lange tijd een stadsvlucht. Iedereen wilde in de rust van het platteland wonen. Vandaag lijkt die evolutie gekeerd. Het wonen in de stad is weer in. Het platteland is door de vele inwijkelingen ook lang niet zo rustig meer. Het ideaal van de grote woning met grote tuin staat ook ter discussie. Een mooi (dak)terras of daktuin beantwoordt misschien beter aan je 'buitenluchtverwachtingen' dan een grote tuin met veel onderhoud.
 
Duurzaam bouwen lukt dus best in de stad. Niet alleen omdat je er bebouwde ruimte 'recycleert', maar ook omdat je er bijna automatisch in een energiezuinigere rijwoning terecht komt. Bovendien eist het wonen in de stad geen bijkomende schaarse 'groene ruimte' op.

Het bewust in de stad gaan wonen betekent ook snel toegang hebben tot het commerciële centrum, waardoor deze te voet of per fiets vlot bereikbaar zijn. Bovendien wordt de stad beter bediend wat betreft openbaar vervoer. Ook deze ecologische aspecten spelen een rol. Duurzaam bouwen en mobiliteit gaan hand in hand. Dat hoeft niemand te verwonderen als je de gevolgen ziet van ons drukke autoverkeer.


Rijwoning versus open bebouwing

Elke woning verliest warmte en energie via de buitenwanden. Een goede isolatie kan hier uiteraard soelaas brengen, het beperken van het aantal buitenwanden is nog efficiënter. Je kiest dus best voor weinig buitenmuren en een kleine dakoppervlakte. Zo is het logisch dat een appartement, met alleen een voor en achtergevel, op energievlak beter scoort dan een rijwoning, waar het dak een bijkomend verliesoppervlak is.

Een halfopen of open woning heeft bijkomend nog één of twee verliesoppervlaktes. Houd hier dus rekening mee bij de aankoop van een woning. Bij de aanschaf van een bouwgrond weet je trouwens ook of deze bestemd is voor gesloten, halfopen of open bebouwing. Compactheid is de verhouding tussen de buitenoppervlakte en de inhoud van een gebouw. Een lang smal bungalowtype en een patiowoning hebben een minder goede compactheid dan een kubusvormige woning met meerdere verdiepingen.


Nieuwbouw versus renovatie

Is het trouwens wel nodig om een nieuwe woning te bouwen? Waarom geen oude woning renoveren? Met het oog op de duurzaamheid zijn er hiervoor zeker wel goede argumenten. Door een oude woning te 'recycleren', wordt er geen vrije ruimte opgeofferd en voorkom je dat een woning verder in verval treedt en afgebroken moet worden.

Bovendien zijn er voor een renovatie veel minder materialen nodig dan voor een nieuwbouwwoning. Anderzijds kan je in een nieuwe woning gemakkelijker de principes van duurzaam bouwen toepassen, zoals bijvoorbeeld een goede isolatie of een dubbel watercircuit. Het is dus een kwestie van wikken en wegen en beoordelen van de concrete situatie.


Tips voor duurzaam ruimtegebruik

  • Een huis in de stads- of dorpskern is bijna altijd duurzamer dan een villa in de natuur
  • Bekijk op voorhand welke extra kosten (dak, water, elektriciteit,...) je allemaal zal hebben, deze kunnen immers hoog oplopen.
  • Kies de woning in een centrum en let ook op de oriëntatie, bereikbaarheid, enz. En denk er aan: een rijwoning is compacter dan een vrijstaande woning

Bronnen: Centrum Duurzaam Bouwen & Kamp C